Rotterdamse Flikken valt niet tegen

anl

Het werd wel weer eens tijd, een serie die zich afspeelt in Rotterdam. Want ondanks dat de stad tegenwoordig tal van hippe lijstjes aanvoert, wordt hij maar bitter weinig gebruikt als tv-decor. Spangen, Westenwind, Toen Was Geluk Heel Gewoon – daarmee houdt het wel zo’n beetje op.

En dat zeg ik heus niet alleen als chauvinistische inwoner van de Maasstad die soms wat last heeft van het Calimero-syndroom (‘want zij zijn groot en ik is klein, en da’s niet eerlijk’), maar ook als fervent televisiekijker die wel eens gek wordt van wéér Amsterdam, wéér die grachtengordel en wéér die Wallen. Een andere stad levert direct een andere sfeer op.

Dat merkte je bij de eerste reeks van Smeris die zich heel verfrissend in Tilburg afspeelde, of tijdens het eerste seizoen van Moordvrouw dat zich in Friesland concentreerde. Maar sinds gisteravond is er Flikken Rotterdam. Met de Erasmusbrug, de fraaie uitgelichte skyline met Rem Koolhaas’ iconische gebouw De Rotterdam en de haven als pronte ankerpunten.

Enig nadeel: ik ben niet zo’n Flikken-fan. Ja, zo’n 15 jaar geleden keek ik nog wel eens naar de oerversie uit Gent met die onhandige Pasmans. Maar Flikken Maastricht is me vaak net te makkelijk. Je ziet op een kilometer aankomen wie de dader is en het politiewerk wordt wel erg versimpeld weergegeven; de agenten zijn net halve superhelden die alles in hun eentje doen. En het acteerwerk is niet altijd even sterk.

Dubbel
Kortom, ik zat gisteravond met dubbele gevoelens op de bank. Want de makers mogen dan wel beloven dat ‘Rotterdam’ rauwer en feller is dan ‘Maastricht’, maar lukt dat als het team achter de schermen grotendeels hetzelfde is? Victor Reinier (Wolfs) schreef zelfs mee aan het script.

Maar de eerste aflevering viel me niet tegen. Het blijft Flikken, maar ik vond het door de continue dreiging rond de vermoedelijk corrupte Ben Slachter, het personage van Peter Paul Muller, best wel spannend. Een emotie die ik bij Flikken Maastricht zelden voel. Ook ben ik benieuwd wat er met het dochtertje van officier van justitie Huub Stapel is gebeurd.

Al heb ik natuurlijk ook wel wat te zeuren over een paar Rotterdamse details. Zoals het vette accent van dezelfde Muller. Dat was wel erg overdreven. Het plat-Amsterdams van Martin Morero en het Gronings in Hollands Hoop gingen hem beduidend beter af. Cees Geel dacht dat hij er was door om de haverklap woorden te gebruiken als ‘teringzooi’ en ‘lullen’. Want dat doen Rotterdammers blijkbaar.

En het valt me tegen dat het politiebureau in werkelijkheid een studio is in, jawel, Amsterdam. En nee, dat heeft er heus niks mee te maken dat ik een chauvinistische Rotterdammer ben.

ad.nl

Geef een reactie

*